11 september 2008

Discussiediner MBO-Ambitie: durf te excelleren!

Tot 2010 én verder

In de oude dorpskern van Houten, aan een pittoresk plein met oude bomen en tussen de Hervormde en Katholieke kerken in, ligt restaurant De Roskam. In tegenspraak met de nostalgische omgeving wordt hier gesproken over de toekomst. Over twee jaar stopt het Platform Bèta Techniek. Wat moet er tot die tijd gebeuren om de ambities ook na die tijd levend te houden? Een discussie over excellentie en duurzaamheid.

Van een goede maaltijd en een lekker glas wijn komen de tongen los. Dat is het idee achter deze avond in september. Gezeten aan acht ruime tafels discussiëren zo’n zestig mbo-directeuren over stellingen die op een groot scherm worden gepresenteerd. Aan iedere tafel zit ook een vertegenwoordiger van het Platform Bèta Techniek. Deze heeft de functie van vraagbaak en stuurt indien nodig de discussie bij. Drie gangen, drie stellingen. Projectmanager van het MBO-Ambitie Programma Henriëtte Kassies houdt een korte introductie over het doel van de avond en de eerste stelling. Het afgelopen jaar is er veel gebeurd: er hebben boeiende bijeenkomsten plaatsgevonden over belangrijke thema’s als meisjes en techniek en de doorstroom van vmbo naar mbo. Maar zijn de activiteiten waarmee het Platform Bèta Techniek de ROC’s ondersteunt toereikend? Waar is aanscherping dan wel aanvulling nodig? Hoe ziet de agenda voor de toekomst eruit? Kassies: ‘Voor het komende jaar is het: u vraagt, wij draaien.’


Geen kant-en-klare producten
Elke tafel formuleert standpunten. Aan het einde van de eerste gang worden de verschillende standpunten kort plenair behandeld. Tafel 1 heeft keurig do’s and don’ts geformuleerd. Er is maar één don’t: het Platform Bèta Techniek moet geen kant-en-klare producten ontwikkelen en slijten. De instrumenten die het Platform Bèta Techniek ter beschikking stelt, worden overigens wel gewaardeerd. Neem het model BètaMentality: dat biedt ROC’s naar eigen zeggen een goed inzicht in de eigen organisatie en manier van lesgeven. De do’s zijn ook helder. Er is veel behoefte aan ondersteuning bij imago en branding. Inspirerend voorbeeld is het Technasium (een onderwijsstroom voor havo en vwo waarin bètatechniek centraal staat). Meer kijken naar successen is de tweede do. Natuurlijk: het gaat niet op alle scholen goed, en er is zeker sprake van concurrentiedrang. Juist daarom is het belangrijk succesverhalen als goede voorbeelden te stellen. Het Ambitie Programma kan hierin een rol spelen. Een derde aandachtspunt is de ontwikkeling van snijvlakopleidingen. Dat werkt op het hbo en het wo, maar kan het mbo dit ook? Woordvoerders van andere tafels hebben grotendeels dezelfde ideeën. Er moeten meer innovatieve ideeën worden ontwikkeld à la TechFactor om jongeren over te halen te kiezen voor bètatechniek. Opnieuw klinkt de oproep om niet de concurrentie aan te gaan, maar samen de problemen in de sector aan te pakken.


Kritische vriend
Terwijl het hoofdgerecht wordt opgediend, geeft Hans Corstjens, directeur Platform Bèta Techniek bij wijze van inleiding op de tweede stelling wat cijfers over de andere programma’s. Het VTB Programma voor het basisonderwijs verloopt succesvol, evenals de programma’s voor havo, vwo (Universum) en wo (Sprint). In het hbo gaat het niet overal even goed. Hoe zit dat met het mbo? Bijna alle aanwezigen zeggen in de plus te zitten wat leerlingaantallen in de techniek betreft. Maar dat geldt met name voor BBL-opleidingen. Corstjens benadrukt het belang van audits. Volgens hem laten audits zien dat succes vooral afhangt van een gevoel van urgentie, voldoende draagvlak, sturen op resultaat en consistentie. Een vaste receptuur is niet mogelijk, iedere school is anders. Maar om tot resultaat te komen, om te excelleren, bieden de audits uitkomst. Ze zijn een kritische vriend en geven aan waar het goed gaat en waar verbetering mogelijk is.
De reacties uit de zaal zijn divers. Het idee om vooral kritische vrienden voor elkaar te zijn en te leren van best practices vindt veel weerklank. Een dissidente mening zorgt voor beroering: er moet te veel gedaan worden voor de subsidie die je krijgt, merkt een van de aanwezigen op. Veel anderen bestrijden dat: het gaat om informatie die vaak al beschikbaar is. De gegevens moeten alleen bij elkaar gezocht worden. Los daarvan is een betere aansluiting bij de interne informatiestromen wel wenselijk.
Met de tweede gang achter de kiezen doen de verschillende tafelwoordvoerders opnieuw hun zegje. De mening over de eerste stelling is duidelijk: er moet zeker niet alleen maar geld gestoken worden in scholen die het goed doen. ‘Je moet juist investeren waar het niet goed gaat’ en ‘Leerlingen moeten overal naar goed technisch onderwijs kunnen’. Uiteindelijk komt er toch iets van sturen op excellentie boven tafel: ‘Iedereen moet de gelegenheid krijgen om mee te doen, maar aan de ingediende plannen kunnen wel prestatieafspraken worden gekoppeld.’


Landelijke lobby
In afwachting van het dessert neemt programmaregisseur Loek Schueler het woord. In 2010 stopt het Platform Bèta Techniek. De mbo-sector is druk bezig, de Ambitie Programma’s lopen, 28 mbo-instellingen doen mee. Wat moet er nog gebeuren in de komende anderhalf jaar? Hoe zorgen we voor een verduurzaming van de resultaten?  Geen knip in 2010, daarover is de zaal duidelijk. Veelgehoorde opleidingen zijn: ‘Er moet een landelijke lobby blijven om aan techniek te blijven trekken.’ ‘In de regio’s valt nog veel te verbeteren.’ En: ‘We willen na 2010 niet allerlei instanties die propageren voor techniek te staan. Er moet één stroomlijnende instantie zijn.’ Eén tafel pleit voor een meer regionale aanpak. ‘Rotterdam kent andere problemen dan Enschede. Als je de Ambitie Programma’s voor vmbo, mbo en hbo regionaal koppelt kun je per regio de hele beroepskolom bedienen en zo bètatechniek echt een boost geven.’
Eens te meer blijkt dat er veel behoefte is aan het neerzetten van een sterk merk. En daar is een landelijke lobby voor nodig; één partij die iedereen bij elkaar brengt en de mogelijkheid biedt tot netwerken. Loek Schueler merkt op dat er bij veel ROC’s een zekere huiver bestaat voor excellentie. Waarom zetten zij anders hun rol als Ambitieschool niet in het jaarverslag? Het mbo blijft maar wijzen naar havo en vwo, naar de universiteiten: daar gaat het zo goed. Er heerst oprechte twijfel of het mbo dit ook kan bereiken. Ter afsluiting wijst Schueler op de vroegere functie van De Roskam. ‘Dit was ooit een tussenstop op een handelsroute. We bevinden ons met de Ambitie Programma’s ook op zo’n tussenstop. We hebben veel input gekregen en gaan ons nu bezinnen op de koers voor de toekomst: kiezen voor excellentie en investeren in duurzaamheid.’


Stellingen
Eerste gang: ondersteunende activiteiten
1. Welke activiteiten of mogelijkheden tot intervisie zouden georganiseerd kunnen worden om de instellingen nog beter te ondersteunen?
2. Is het opzetten van een ondersteuningsaanbod een taak van het Platform Bèta Techniek, of is het beter dat instellingen zelf een bètatechniek-netwerk vormen om kennis, kunde en kwaliteit te verhogen?
Tweede gang: sturen op excellentie
1. Steek alleen geld in instellingen die bewezen resultaten hebben geboekt.
2. Wat zijn, naast de kwantitatieve in-, door- en uitstroomcijfers, kwalitatieve prestatie-indicatoren voor een excellente bètatechniek instelling, anders dan de door de auditcommissie aangegeven indicatoren?
Derde gang: borging en verduurzaming
1. In 2010 worden er ‘bètatechniek-sterren’ door het Platform Bèta Techniek toegekend. Ambitie ROC’s blijven actief door als netwerk de bètatechniek-agenda voort te zetten en blijvend te promoten. Daarbij worden samenwerkingspartners gezocht.
2. Kan de onderwijsinspectie een rol spelen bij de verduurzaming van de bètatechniek-aanpak door de bètatechniek mee te nemen in de rapportage?

 


Highlights

Ambitie VOoruit - VMBO techniek Agenda 2010-201
Lees verder »

Commissie Hermans: Sectorinvesteringsplan mbo 2011-2016


Lees verder »

Nieuw initiatief voor het vmbo: PAL
Lees verder »

Agenda


Nieuws