Human Capital Agenda Geo
Visiedocument arbeidsmarktontwikkelingen mbo-opgeleiden landmeetkunde/ geo-informatie (crebo 94050 Middenkaderfunctionaris bouw en infra en met name 94053 Middenkaderfunctionaris bouw en infra (Middenkaderfunctionaris landmeetkunde)
11 februari 2009

1. Groei sector Geodesie en geo-informatie
Het belang van geografische informatie voor onze maatschappij neemt de laatste jaren sterk toe, voor zowel bedrijfsleven als  voor de overheid. Geo-informatie is onmisbaar voor de uitvoering van projecten in bijvoorbeeld de ruimtelijke ordening, waterhuishouding, milieu, landbouw, energievoorziening, verkeer en veiligheid. De geosector (geotechnologie) is samen met nano- en biotechnologie, door het bureau voor arbeid van de Verenigde Staten in 2004 aangewezen als één van de drie belangrijkste groeisectoren voor werkgelegenheid in de 21e eeuw.
Nederland is een belangrijke internationale speler in de geosector. Een in opdracht van Economische Zaken uitgevoerde marktanalyse schatte de werkgelegenheid in 2001 op 46.000 fte’s, met een jaarlijkse groei van 17%, en de jaaromzet op 2,77 miljard euro, met een jaarlijkse groei van 22%. Kijkend naar de ontwikkelingen sinds 2001 en het toegenomen gebruik van allerlei geoproducten, zoals navigatiesystemen, internetdiensten en mobiele-telefonie toepassingen, zal de geosector in de komende periode alleen maar verder door zal groeien. In vrijwel alle sectoren zijn of komen toepassingen van Geo-informatie aan de orde. 


2. Mismatch vraag en aanbod arbeidsmarkt
De sector kent een belangrijk knelpunt. De marktvraag naar afgestudeerde geo-specialisten  is vele malen groter dan het aanbod, vooral daar waar het om mbo-ers gaat.

OpleidingBehoefte afgestudeerden Aanbod afgestudeerden Gewenste instroom opleiding 
MBO 100-150< 30 150-225 per jaar 
HBO 90-140 +/- 20 150-225 per jaar 
WO 60-100 +/- 30 100-150 per jaar 
Naast een kwantitatieve mismatch is er ook sprake van een kwalitatieve mismatch, met name op het mbo.



3. Kwalitatieve vraag uit de arbeidsmarkt

De markt vraagt om een nieuw profiel mbo geo-experts: de generalistische toepassingsgerichte mbo-er. Een generalist die naast inwinnen en uitzetten van gegevens gericht is op verwerking en visualisatie waarbij ict (geo-ict) een belangrijke rol speelt. Een generalist die weet wat de technische en organisatorische rol van geo-informatie in instituten en bedrijven is, hoe je over geo-informatie moet communiceren en hoe de ontwikkelingen in geo-informatie kunnen worden gebruikt in specifieke toepassingsgebieden (denk aan water, milieu, veiligheid etc.).

De huidige mbo-ers landmeetkunde zijn specifiek opgeleid vanuit de  sector bouw/infra en zijn vooral buiten aan het werk om te meten en  gegevens in te winnen. De nieuwe mbo-er zal ook kennis moeten hebben van de verwerking van de informatie en veel binnen werken met computers. Het zijn specialisten in de toepassing van geo-informatie. Deze toepassing gaat verder dan alleen bouw/infra.

4.Huidige aanbod mbo- opleidingen landmeetkunde

Landmeetkunde is nu een niveau 4 mbo-opleiding, die als kopstudie op de opleiding bouw/infra is gepositioneerd. De huidige situatie in het voltijd onderwijs op mbo  is ronduit slecht. Het mbo kende in de 90-er jaren zes opleidingen landmeetkunde met klassen van 20 à 30 studenten. Nu zijn er nog slechts 3 mbo’s waar gemiddeld 3 à 4 studenten zitten. Innovatie in onderwijs en verjonging van docenten ontbreekt (de jongste docent is 56!). Zonder impuls zullen de mbo’s haar geo-opleidingen stopzetten. 
Onderstaande drie knelpunten zijn geconcludeerd:


4.1: Hiaten in de huidige opleiding landmeetkunde

In de huidige mbo-opleiding landmeetkunde is te weinig aandacht voor de thema’s
• maatvoering in techniek (inclusief hydrografie)
• gis en moderne inwinningstechnieken
• juridische aspecten (rechtszekerheid)
• visualisering (mapping, navigatie)
Het huidige kwalificatiedossier en het opleidingsprogramma voldoen niet aan de noodzakelijke behoefte om volledig te verbreden naar het nieuwe profiel. Momenteel is het te veel naar branches (lees bouw/infra) gedefinieerd. Het kwalificatiedossier zou toegeschreven moeten worden naar een bredere taakstelling. Er zijn mogelijkheden om tot een gezamenlijk dossier te komen aldus kennisinstituut Fundeon. In het lobbycircuit kunnen de ROC’s  wijzigingen van het KD met kenniscentra (o.a. Fundeon en Kenteq) in gang zetten.


4.2: Plek en naamgeving  van geo-opleidingen binnen het mbo
Vraag is of een geo-opleiding (landmeetkunde nu) een specialisatie is  of een module/minor binnen andere opleidingen. Van beide is sprake. Echter de focus ligt op specialisatie.
Voor de bouw/infra studenten is landmeetkunde nu een specialisatie waarin ze afstuderen. Dit moet blijven bestaan en groeien (huidige uitstroom is slechts 10% van de marktvraag). Echter het vakgebied zoals het nu gedefinieerd is, is te veel gericht op inwinning, te weinig op GIS, visualisatie en toepassing. Door verbreding van het vakgebied zou ‘landmeetkunde-nieuwe stijl’ een logische specialisatie moeten zijn voor andere startopleidingen zoals ICT, hydrografie, AOC’s, grafische opleidingen en toeristische opleidingen. In de laatste twee ligt de nadruk meer op GIS, de overige meer op landmeten. De naam landmeetkunde moet worden vervangen door een naam die recht doet aan de hele keten: inwinnen-analyseren-beheren-visualiseren-communiceren.


4.3. Beperkte naamsbekendheid en beperkte doelgroepen

Aankomende mbo-studenten landmeetkunde-nu zijn strict genomen alleen de 2e jaars mbo studenten die bouw/infra studeren . Dit doet geen recht aan de vraag uit de arbeidsmarkt. De toepassingsgebieden voor geo zijn veel breder dan bouw/infra.

Sector Aandeel (%) Omzet in mlj. 
Bouw en infrastructuur 31% 114 
Water (incl. bagger) en energie 14% 52 
Ruimtelijke ordening 12% 44 
Milieu, bodem en natuur 10% 38 
Openbare orde en veiligheid 6% 21 
Mobiliteit (vervoer en logistiek) 5% 18 
Financ. en zak. dienstverlening (incl. makelaardij) 4% 15 
Telecom en IT 4% 15 
Landbouw en visserij 3% 13 
Chemie en industrie 3% 10 
Cultuur en recreatie 2% 
Handel (groothandel en detailhandel) 2% 
Creatieve industrie en (nieuwe) media 1% 
Overig4% 13 
Totaal 100% 369 


5. Ambitie Stichting Arbeidsmarkt GEO

De Stichting Arbeidsmarkt GEO wil bovenstaande knelpunten oplossen. De instroom moet toenemen en de opleiding moet kwalitatief voldoen aan de vraag uit de arbeidsmarkt. Onderstaande ambities zijn geformuleerd voor het mbo.

5.1 Sterke groei instroom in 2 jaar tijd
Bij een aantal  ROC’s moeten weer   “gezonde ” klassen waar “modern landmeten” wordt gegeven (bijvoorkeur onder een andere naam) .  De kwantitatieve doelstellingen zijn:

Opleidingsniveau geoHuidige instroom Doelstelling september Groei% 
  2008 2009 / 20102010 vs. 2008 
Mbo (voltijd)12 à 15 15 à 20 / 40 +/- 200% 
Mbo (deeltijd, duaal) 20 à 25 25 à 30 / 50 +/- 120% 

* Gem. per jaar 


5.2 Vernieuwing opleiding

De nieuwe opleiding mbo-landmeetkunde  moet voldoen aan de kwalitatieve vraag uit de arbeidsmarkt. Er moet meer tijd en aandacht besteed worden aan nieuwe thema’s zoals
• maatvoering in techniek (inclusief hydrografie)
• gis en moderne inwinningstechnieken
• juridische aspecten (rechtszekerheid)
• visualisering (mapping, , navigatie)
Nu ligt de focus nog te veel op inwinning. In de opleiding moet gebruik gemaakt worden van moderne apparatuur, cases buiten de bouw/infra, verjonging van docenten en samenwerking met andere toepassingsgebieden.

 
5.3 Samenwerking ROC’s

Streven is te komen tot ongeveer 6 opleidingscentra die in de basis gelijk zijn, echter wel inkleuring krijgen door regionale context. Kosten voor deze opleidingscentra moeten beperkt worden door clustering en samenwerking. Op meerdere locaties wordt les gegeven, er is één centrale locatie voor workshops. Hier staat moderne apparatuur, presenteren bedrijven zich, zijn praktijkruimtes e.d.. Gastdocenten kunnen centraal ingezet worden waarbij niet de studenten maar de docent reist naar de diverse locaties. Met 9 ROC’s  verspreid over heel NL zijn gesprekken gestart om gezamenlijk een opleidingsprogramma en lesstof te ontwikkelen dat aansluit bij het nieuwe Kwalificatie Dossier. In deze werkgroep is  ook het bedrijfsleven vertegenwoordigd samen met het kenniscentrum Fundeon. Doelstelling is om één lesprogramma voor alle mbo’s te maken. De context van het programma zal per ROC verschillen. Dit wordt mede bepaald door de kenmerken van de regio. Zo zal in Rotterdam  de focus meer liggen op hydrografie en water en in Utrecht meer op bouw en ruimtelijke ordering en planning. Per ROC wordt een werkgroep geformeerd om met de regionale bedrijven de lesstof te ontwikkelen en daarin een rol te pakken (bedrijfsstages, praktijkdagen, gastdocenten). Vijf van deze 8 ROC’s zijn lid van het mbo-ambitieprogramma

5.4 Inbreng werkgevers
In samenwerking met Geobusiness Nederland wordt een werkgroep geformeerd met deelnemers vanuit de werkgevers, overheid en bedrijfsleven. Deze werkroep gaat de eisen vanuit de arbeidsmarkt vaststellen die aan de opleidingen worden gesteld.
 
5.5 Verbreding instroom en doelgroepen
Nu behoren strikt genomen  alleen 2e jaars studenten bouw/infra tot de doelgroep. In de toekomst komt daar een aantal doelgroepen bij. Dit zijn
• vmbo-ers die duaal een opleiding landmeetkunde-nieuwe stijl volgen
Naast voltijdopleidingen moet een duale opleiding ontwikkeld worden. Niet alleen voor de doelgroep werkenden, ook voor vmbo-schoolverlaters. Zij gaan werken bij geo-bedrijven (2 à 3 dagen per week) en naar school bij mbo’s (2 à 3 dagen per week) en halen zo in 4 jaar hun mbo-diploma.
• 2e jaars mbo-ers uit aanverwante startopleidingen zoals AOC’s, ICT, hydrografie, grafische opleidingen en toerisme. De Stichting wil dit realiseren door de bekendheid en aantrekkelijkheid van geo-informatie/landmeten te vergroten en door de kopstudie geo-informatie te koppelen op meerdere ‘basisopleidingen’ (nu is het alleen bouw/infra, straks ook ICT, hydrografie, economische studies e.a.). Dit zal een positief doorstroom effect hebben richting hbo. Acht ROC’s zijn bereid om met elkaar te onderzoeken hoe samenwerking gestalte kan krijgen. De eerste twee afspraken hebben reeds plaatsgevonden.


5.6 Vergroten naamsbekendheid  en aantrekkelijkheid

Het beeld dat mbo-studenten van landmeetkunde hebben is beperkt en vaak negatief. Men denkt aan “de man in het oranje vestje die in weer en wind buiten een stok vasthoudt”. De naamsbekendheid moet vergroot worden onder een breed publiek’ ook onder vmbo-ers. Maak de ervaringen en toepassingen zichtbaar door filmpjes, laat beroepen in de praktijk zien. Ook moeten we communiceren dat we een modern en sterk ontwikkeld vakgebied is, actueel en veelzijdig.


5.7 Nauwe samenwerking met (regionaal) bedrijfsleven

Het initiatief om tot een Stichting te komen komt uit de arbeidsmarkt. Door de grote tekorten aan deskundige werknemers is bereidheid vanuit bedrijfsleven groot om een  oplossing te vinden. In de samenwerking die inmiddels is opgezet zijn bedrijven bereid gastdocentschappen te verzorgen, informatie en materiaal ter beschikking van het onderwijs te stellen, studenten een stage- of afstudeerplek te bieden etc. Uitgangspunt is dat regionale bedrijven primair contact hebben met de regionale opleidingscentra. 


6. Stichting  Arbeidsmarkt GEO  in de hele onderwijsketen

Focus van de Stichting is het veranderen van imago en beeldvorming. Geo-informatie heeft een zeer lage bekendheid bij vmbo-ers,. (Uit onderzoek blijkt dat 50% van de vmbo-ers, havisten en vwo-ers nog nooit van geo-informatiekunde of geo-informatica gehoord hebben). Bij de beperkte groep die het wel kent is de beeldvorming veelal negatief (eentonig, weinig contact met mensen, geen leidinggevende rol, geen creativiteit). Geo-informatie heeft een faciliterende rol binnen tal van werelden. Door de doelgroep de werelden (van bijvoorbeeld Veiligheid, Water, Transport) “in te trekken” kan de toepassing van geo-informatie aantrekkelijk gevisualiseerd worden. Digitale beelden (cartografie), games, navigatie-apparatuur (GPS) moeten de doelgroep bewust maken van de afwisseling, samenwerking en creativiteit van het vakgebied en het beroepenveld. Deze verbreding (de zgn. geïnteresseerde generalisten) sluit aan bij de behoefte van het werkveld.  Er is behoefte aan maatschappelijk georiënteerde mensen die geo-informatie als tool gebruiken binnen hun wereld.

Tweede belangrijke aandachtpunt in het beleid is de ketenaanpak en het netwerk. De geo-wereld is te klein om onafhankelijk van elkaar te opereren. Samenwerking is nodig zowel vertikaal binnen de keten mbo-hbo-wo als horizontaal tussen opleidingen onderling en tussen onderwijs en bedrijfsleven. Voorbeelden zijn lesmodules die het wo ontwikkelt voor het mbo, gastdocenten van hbo op mbo’s en het maken van gezamenlijk minoren met hbo-opleidingen (alle drie in werking gezet). Hierbij kijken we ook naar samenwerkingsopties met de maritieme opleidingen (o.a. hydrografie).

Derde aandachtspunt is de innovatie in het onderwijsprogramma. Het onderwijs, met name op het mbo, is achtergebleven bij de ontwikkelingen in de arbeidsmarkt. Het nieuwe kwalificatiedossier en de aansluiting bij de ontwikkelingen in de markt en de noodzakelijke verjonging van docenten maken onderwijsvernieuwing tot een belangrijk speerpunt.
De Stichting heeft zich ten doel gesteld om de komende twee jaar de geo-opleidingen (op mbo, hbo en wo niveau) te helpen om weer een sterke, stevige positie te krijgen in onderwijsland. Na twee jaar houdt de Stichting op te bestaan en moeten alle initiatieven geborgd zijn bij de bestaande partijen (branche-organisaties, kennisorganisaties, overheid, onderwijs en bedrijfsleven). Een stevige, sterke positie houdt in:
1. Een sterk groeiende studenten-instroom in de geo-opleidingen (zonder risico’s voor opheffing van de opleidingen).
2. Duidelijke positionering van het vakgebied geo-informatie in aanverwante opleidingen (bijv. Watermanagement, Bos- en Natuurbeheer, Veiligheid, ICT) zodat afgestudeerden van deze opleiding geo-informatie kunnen toepassen in hun domein.
3. Een goede doorstroom van mbo->hbo->wo, zodat meer studenten doorleren en het onderwijs samenwerkt en kennis en contacten uitwisselt.
4. Goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, de ontwikkelingen en innovatie in de snel groeiende markt lopen parallel met onderwijsvernieuwing.
5. Actualisering van de kennis op het gebied van geodesie en informatica
6. Goede borging van vernieuwing door nauwe samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt (gastdocenten, stages/ afstuderen, voorlichting, apparatuur en onderzoeksruimten) en onderwijsinstellingen onderling (gezamenlijke lesstof ontwikkeling, gebruik van rondreizende docenten,etc.).

7. Samenwerking Stichting Arbeidsmarkt Geo en deelnemende mbo’s aan het ambitieprogramma Geo
De Stichting Arbeidsmarkt Geo is samen met het bedrijfsleven en de reeds deelnemende ROC’s van mening (zie 5.3) dat onderwijsvernieuwing en werving van nieuwe instroom alleen kan slagen door krachtenbundeling. Met de deelnemende ROC’s moet gezamenlijk, in samenwerking met het kenniscentrum Fundeon (en later wellicht Kenteq en Ecabo) en met het bedrijfsleven, een nieuw onderwijsprogramma ontwikkeld worden dat aansluit op het vernieuwde kwalificatiedossier. Ook gastdocenten, gebruik van apparatuur, delen van kennis zijn een onderdeel van een gezamenlijk inspanning.
Naast onderwijsvernieuwing wil de Stichting ook een belangrijke rol spelen in de promotie en werving van de instroom. Samenwerking met andere geo-initiatieven (zoals GIN, Geofort, Geotruck, KNAG, Geoweek) is noodzakelijk om een goed beeld te geven aan toekomstige studenten en het werkveld aantrekkelijk te positionering. De Stichting zal een belangrijke rol spelen in het maken van communicatie en promotiemateriaal voor de hele onderwijsketen.
De Stichting zal individuele initiatieven van ROC’s die niet meedoen aan de samenwerking met andere ROC’s niet ondersteunen omdat zij gelooft dat deze op langer termijn niet rendabel zijn. Samenwerking is de enige optie. In het proposal zal met name aan dit aspect veel waarde worden gehecht. Prestatie-indicatoren die de Stichting van belang acht zijn:
• Vernieuwing van het onderwijs in het vakgebied landmeetkunde/ GIS (zie 5.2) en verbreding naar
   aanverwante opleidingen
• Een klas per ROC met minimaal 20 studenten
• Beschikbaarheid van informatie, kennis en middelen voor niet-mbo ambitiescholen (na een pilot)
• Samenwerking met lokale bedrijfsleven


Highlights

Ambitie VOoruit - VMBO techniek Agenda 2010-201
Lees verder »

Commissie Hermans: Sectorinvesteringsplan mbo 2011-2016


Lees verder »

Nieuw initiatief voor het vmbo: PAL
Lees verder »

Agenda


Nieuws